Uitslag 2. D-Day

Gisteravond hebben we de gehuurde camper al opgehaald, want morgen begint het schoolkamp van Debian. Ze verblijven op een camping met tentjes en de weersverwachtingen zijn niet al te best. En omdat je nu eenmaal luxepaardjes hebt,  lig ik in de camper met verwarming, airco en zelfs tv. Ik heb er zin in!

Omdat ik heb toegezegd de boodschappen voor het kamp te doen, rij ik ’s morgens nog even langs de Lidl om de ook de laatste dingen op de lijst af te kunnen strepen.  Ik sla potten jam in, boter, koekjes, chips in en in het voorbijgaan ook nog even 3 BH’s.  Drie BH’s bij de Lidl, hoezo dan!?! Nou ja, met een volle auto rij ik door naar het ziekenhuis. Onderweg zie ik overal borsten, bh’s en roze lintjes, idioot gewoon en dat is al een paar dagen zo. Probeert mijn onderbewustzijn me iets duidelijk te maken ofzo? Ik negeer het.

In het ziekenhuis aangekomen word ik al opgewacht door de mammaverpleegkundige,  die wel heel overdreven vriendelijk is. Verdacht,  want ik verwacht eigenlijk wel een kleine uitbrander voor mijn vluchtgedrag van gisteren. Ik volg haar de spreekkamer binnen en nog voor ik goed en wel heb plaatsgenomen flapt ze eruit: “Nou, het is niet goed he?!”

Eh, sorry..’niet goed’?  Wat bedoel je precies met ‘niet goed’?  Natuurlijk is het goed, het gaat over mij. Met mij gaat het altijd goed. ‘Je hebt borstkanker’ zegt ze en begint  een heel verhaal af te ratelen over dat uit dat ze uitgaan van een tumor van ca. 3 centimeter, lobulair, niet best, iets met hormonen, borst amputeren, chemo, bestralen… eh… staat er ergens een verborgen camera? Hebben we het nog steeds over mij?

Vragend word ik aangekeken, kennelijk moet ik nu reageren.’ Goh’ zeg ik en ‘wat onhandig’ en waarschijnlijk nog iets als ‘dat komt echt heel slecht uit’. En dat is ook precies wat ik voel, niets eigenlijk. Ze vraagt me of ik iemand wil bellen. Nou nee dus, dit ga ik mooi voor mezelf houden.

Met een tas vol informatiefolders en een kaart vol afspraken loop ik het ziekenhuis uit.  Ik moet opschieten want over een half uurtje moet Debian bij tennis zijn. ’s Avonds berg ik de informatie boel op en werp een snelle blik op het biopsie rapport. Ik wil het eigenlijk nog niet weten, want als ik het zie wil ik het googelen en ik ben bang voor wat ik ga vinden. Morgen wil ik gewoon met mijn kop in het zand op schoolkamp. Snel scan ik het verslag op steekwoorden, en valt mijn oog op de woorden ‘In situ’. Dat moet iets betekenen als ‘op zijn plek’. Dat klinkt goed. Eerder heb ik al eens ergens gelezen dat in situ een soort van voorloper of beginstadium is. Mooi zo! Ik berg het rapport snel op, meer wil ik niet weten…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *